Posts tonen met het label atopie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label atopie. Alle posts tonen

4 september 2013

Ureumzalf 10% in eucerin: wolvetallergie?

Mensen met atopisch eczeem kennen de problemen van een droge huid. Goed vettig houden scheelt een boel jeuk. Je hebt veel zalven die je hier voor kunt gebruiken, maar het liefst heb je een vochtinbrengde zalf, die niet (te) vettig is. Vet blijft op de huid 'liggen' en vervuilt je kleren en beddengoed. 

Jarenlang heb ik ureumzalf gebruikt (ureum 10% in eucerin), ik denk wel 20 jaar of zoiets. Tot ik het idee had dat het gebruik mijn eczeem verergerde. Ureum dringt goed in de huid door, waar het water aan zich bindt. Maar goed, ik ben een jaar of 4-5 geleden vaseline/parafinezalf gaan gebruiken. Nadeel hiervan is dat het wel lekker vettig is en de huid lekker soepel houdt, maar dat het niet door de huid wordt opgenomen en je kleren gewoonweg vies maakt. 

Laatst bij de dermatoloog dus weer eens een recept gevraagd voor de ureumzalf en dit gehaald bij de apotheek. Ná een dikke week smeren is er maar één conclusie: ik ben overgevoelig / allergisch voor de wolalcoholen in deze zalf. Mijn eczeem verergerde enorm tot een rood, bobbelig oppervlakte met enorme jeuk. Het probleem met atopisch eczeem is dat je nooit direct een reactie krijgt en een directe link hebt met bijvoorbeeld iets dat je gegeten hebt. Er is altijd een aanlooptijd en dat maakt het moeilijk om oorzakelijke verbanden te leggen. Maar goed, na deze week smeren is het voor mij duidelijk: geen wolalcoholen meer op mijn lijf! Hier wat meer informatie over wolvetallergie.

Nu dus weer terug naar de vaseline/parafine. Volgende keer bij de dermatoloog maar eens horen welke alternatieven er nog zijn, uiteraard zonder wolvet!

2 december 2012

Haakworminfectie als medicijn



Het viel wetenschappers op enig moment op dat er een positieve correlatie was in gebieden waar worminfecties veel voorkomen en het niet-of-nauwelijks voor komen van atopische aandoeningen en allergieën.  Sindsdien zijn er wetenschappers die geloven dat een beperkte worminfectie zou kunnen bijdragen aan de behandeling van auto-immuunziekten. Op internet zijn inmiddels diverse onderzoeken te vinden waarin dit onderwerp van onderzoek is. Wetenschappers richten zich dan met name op de veranderingen in lichaamsprocessen als gevolg van worminfecties, met als ultiem doel om daar uiteindelijk medicijnen te ontwikkelen die nadoen wat wormen in ons lichaam doen om het immuunsysteem voor de gek te houden.

De wetenschap zal niet snel gaan zeggen dat we allemaal weer terug moeten naar een ‘gezonde’ dosis wormen in ons lichaam. Een grootschalig en langdurig onderzoek naar de positieve gevolgen van worminfecties is duur en voor de farmaceutische industrie niet interessant. Stel je voor dat een paar wormen beter zouden werken dat bestaande medicijnen?  Hier ligt duidelijk een probleem.

Maar goed, neemt niet weg dat langzaamaan ook wetenschappers her en der overtuigd raken van de mogelijke therapeutische werking van een beperkte worminfectie. Een mooi voorbeeld is de Amerikaanse gastroenteroloog (iemand die zich bezig houdt met ziektes aan het maag-darmstelsel) Joel Weinstock. Hij deed onderzoek naar de effecten van worminfecties bij muizen en hij raakte er van overtuigd dat wormen in staat zijn om het immuunsysteem van hun gastheer zodanig te manipuleren dat dat kan leiden tot het beter reguleren van Th-1 en Th-2 reacties, die een belangrijke rol spelen in atopische en allergische reacties van het immuunsysteem.

Weinstock deed vervolgens een onderzoek met mensen die leden aan Colitis Ulcerosa, een chronische infectie van de darmen. Hij infecteerde proefpersonen met Trichurus suis, een zweepworm en deed dat elke 2 weken gedurende een periode van 3 maanden. Het resultaat was dat bij 43% van de proefpersonen de symptomen sterk afnamen, terwijl in een placebogroep dit slechts gold voor 17%. Bij een test met 29 personen die leden aan de ziekte van Crohn bleken de resultaten nog indrukwekkender: 23 personen vertoonden een sterk herstel en 21 daar van raakten geheel symptoomvrij. In deze video tref je een interview aan met dr. Weinstock.

 Deze onderzoeken werden gedaan in 2003/2004 en inmiddels zijn we al weer 8 jaar verder en kan rustig gesteld worden dat worminfectie als therapeutische behandeling nog geen gemeengoed is in de reguliere medische wereld. 

Eczeem



Ik ben geen dokter, mijn opleiding en ervaring liggen op een geheel ander terrein. Maar ik heb mijzelf wel enigszins ingelezen in wat eczeem nu is en wat er gebeurd in mijn lichaam. Als leek ga ik proberen dat onder woorden te brengen.

Eczeem is een verzamelnaam voor een grote verscheidenheid van huidaandoeningen. Naast een genetische aanleg spelen allergenen een belangrijke rol. Constitutioneel of atopisch eczeem is een vorm van eczeem waar de wetenschap geen directe oorzaak voor kan vinden. Atopie is afgeleid van een Grieks woord (ατοπία) en betekent “op de verkeerde plaats”. Hiermee wordt bedoeld dat het uiterlijke verschijnsel van atopisch eczeem zich niet per definitie voor doet op de plek waar bijvoorbeeld een allergeen de huid binnen komt.
Het immuunsysteem van mensen met een atopie maakt antistoffen aan die specifiek gericht zijn tegen (relatief) onschuldige omgevingsstoffen, zoals bijvoorbeeld huisstofmijt of pollen. Het gevolg kan zijn astmatische klachten, hooikoorts of eczeem.

De antistof die het lichaam aanmaakt is IgE, ofwel immunoglobuline van het type E. Immunoglobulinen zijn eiwitten die het lichaam aanmaakt als reactie op antigenen, zoals bacteriën en virussen. Door dat deze antistoffen zich binden aan de lichaamsvreemde stoffen die een bedreiging vormen, kunnen deze onschadelijk worden gemaakt. Zoals de naam al aanduidt, maken immunoglobulinen een belangrijk onderdeel uit van ons immuunsysteem en dat laatste is heel belangrijk om ons te beschermen tegen kwade invloeden van buiten af.

Bij mensen met atopische aandoeningen, waaronder dus atopisch eczeem, wordt in het bloed een sterk verhoogd niveau IgE aangetroffen, net als voor eosinofiele granulocyten. Een eosinofiele granulocyt is een type witte bloedcel, die ook als taak heeft om parasieten en antigenen op te ruimen. De verhoogde waarden voor IgE en eosinofiele granulocyten duidt bij mensen met atopische aandoeningen op een overtrokken reactie van het immuunsysteem, met alle onplezierige gevolgen van dien.

Dan heb je ook nog histamine. Histamine komt voor in bepaalde eiwitrijke en dierlijke voedingsmiddelen. Daarnaast komt histamine ook voor in het lichaam en dan vooral in zogenaamde mestcellen. Die mestcellen bevinden zich in weefsel dat in contact staat met de buitenwereld, zoals de huid, longen en darmen. In het lichaam komt histamine vrij uit de mestcellen als gevolg van door IgE veroorzaakte allergische reacties.

Dan is er nog een vorm van witte bloedcellen die T-helpercellen worden genoemd. Ook deze T-helpercellen hebben een belangrijke rol in het immuunsysteem. De T-helpercellen scheiden cytokinen af, die verschillende processen in ons lichaam reguleren. Er zin 2 soorten T-helpercellen, Th-1 en Th-2. Beiden scheiden immunomodulatoren uit, waaronder interleukines en interferonen. Deze stofjes reguleren onder meer de immuunprocessen in het lichaam door stimulatie of juist afremming van bepaalde stoffen.

acute en chronische fase bij atopisch eczeem


Wat uit het voorgaande blijkt is dat het immuunsysteem een ongelofelijk complex en maar ook prachtig systeem is dat ons beschermt tegen enge ziektes en ongewenste invloeden van buiten af. Maar door dat dit systeem zo ongelofelijk complex is, kan er toch wel eens iets fout gaan en krijgt een griepinfectie bijvoorbeeld wel vat op ons. De laatste eeuw zijn er veel medicijnen uitgevonden en ontwikkeld die het immuunsysteem kunnen helpen daar waar deze faalt. Denk maar aan antibiotica waarmee vele levens gered zijn.

Maar terugkomend op eczeem: hier lijkt het immuunsysteem te goed te werken, of beter gezegd overtrokken te reageren. De exacte oorzaak daar van heeft de wetenschap nog niet achterhaald. Zoals gezegd kunnen erfelijke factoren een rol spelen, maar ook omgevingsfactoren die als trigger werken. Denk aan huisstofmijt of contactallergenen. Maar waar door ontstaat die disbalans nu?